| |
|
|
| |
| |
|
Een eigen traject |
| |
De
Binnenvest wil daklozen begeleiden naar een zo normaal en
zelfstandig mogelijk leven. Opvang en begeleiding gaan
daarbij hand in hand: alle cliënten van De Binnenvest hebben
problemen waar ze zelf niet uitkomen, begeleiding is
noodzakelijk.
Samen met
trajectbegeleiders en woonmaatschappelijk werkers van De Binnenvest
brengen de cliënten hun problemen in kaart. Een deel daarvan kunnen
ze samen oplossen, voor de rest leggen woonmaatschappelijk
werkers contact met andere hulpverleners. Iedere cliënt
heeft een zorgdossier, waarin wordt vastgelegd welke hulp
een cliënt krijgt en wat daarvan de resultaten zijn. |
|
Een vaste begeleider |
| |
Naarmate cliënten
hun problemen beter onder controle krijgen, hebben ze minder
ondersteuning nodig. Ze worden zelfstandiger. Daarbij horen andere woonvormen. Cliënten stromen bijvoorbeeld door van Slaaphuis via
Sociaal Pension naar een vorm van Begeleid Wonen. Om deze overgangen
soepel te laten verlopen, streeft De Binnenvest ernaar een cliënt
een vaste begeleider toe te wijzen. Iemand die de cliënt kent,
signalen opvangt en vroegtijdig kan ingrijpen bij problemen. Iemand
waarop de cliënt altijd kan terugvallen. |
| |
| |
|
| |
|
| |
|
| |
|
|
|