In de krant: GHB gebruik in Leiden
Hoe GHB-gebruik Leiden al jaren in de greep houdt: ’Je kunt iemand die de hele nacht gilt, niet tussen 55 andere mensen laten slapen’
Michelle Broer, LEIDEN GHB-problematiek heeft Leiden jarenlang miljoenen gekost. Dakloze mensen die GHB gebruiken, leefden ondertussen van dosis naar dosis, zonder zicht op herstel. Dit jaar start de gemeente met een nieuwe methode. Nu verandering in zicht is, blikt deze krant terug: waarom bleef een structurele oplossing zo lang buiten bereik?
De gevoelstemperatuur schommelt boven het nulpunt. Het water van de Oude Rijn is op zondagochtend 9 februari 2025 niet bevroren, maar desondanks ijskoud, als een kleine, magere vrouw met een plons in de rivier belandt. Op de kade laat ze een stapel spullen achter.
Ze is onderkoeld, maar nog in leven, als ze om acht uur door duikers en andere hulpdiensten uit het water ter hoogte van de Stevenshof wordt gevist. Voor de tweede keer in een week tijd wordt de vrouw naar het ziekenhuis gebracht met onderkoelingsverschijnselen. Toch is het dit keer te laat. In het ziekenhuis overlijdt ze op
51-jarige leeftijd.
Het is het einde van een lange reeks pogingen om dit noodlot te voorkomen. De vrouw is ten tijde van haar overlijden al jaren in beeld bij hulpinstanties. Ze is zwaar verslaafd aan GHB, een drug die haar compleet overmant en haar gedrag dusdanig ontregelt, dat zelfs de regionale opvang in Leiden - een van de laatste plekken waar ze nog op hulp kan rekenen - haar regelmatig niet binnen kan laten verblijven.
In de greep
De vrouw was een van de dakloze mensen die in Leiden met een GHB-verslaving kampt. Een drug die lange tijd nauwelijks in het vizier van Leidse hulpdiensten was, maar sinds zes jaar het leven van verslaafden en eenieder om hen heen ontwricht. Het middel kost de stad jaarlijks miljoenen, terwijl een effectieve aanpak al die tijd ontbrak.
In de jaren voor haar overlijden belandt de casus van de vrouw om de haverklap op het bureau van Emmy Klooster, tot juli 2025 directeur van opvangorganisatie De Binnenvest.
Als het nieuws van het tragische incident de opvang bereikt, zijn de medewerkers dan ook geschokt, maar niet geheel verrast, vertelt Klooster. Al jaren houdt het handjevol mensen dat GHB gebruikt de regionale opvang aan het Papegaaisbolwerk in Leiden in de greep. Wie volledig afhankelijk is van GHB, moet elke anderhalf uur een nieuwe dosis nemen, waarna het middel de regie overneemt en het gedrag van de gebruiker regelmatig uit de hand loopt.
Met hard gegil en ongecontroleerde bewegingen houdt een deel van de gebruikers de andere mensen in de opvang – voor een deel kwetsbaar en afhankelijk van specialistische zorg – nachtenlang wakker. Bovendien vormen ze soms een gevaar voor zichzelf. Zo kunnen ze het plots zo warm krijgen dat ze al hun kleren uittrekken en in het water springen. Hoe koud het buiten ook is.
Naast een euforisch en angstverlagend effect worden gebruikers van GHB soms agressief of seksueel opgewonden. Meermaals moesten medewerkers van De Binnenvest aangifte doen van seksueel grensoverschrijdend gedrag of aanranding, laat de opvangorganisatie weten. In één geval leidde dit tot een gevangenisstraf. Of ongeremdheid als gevolg van GHB-gebruik de directe oorzaak is van deze incidenten, kan niet worden vastgesteld, voegt een woordvoerder van De Binnenvest hier nog aan toe. Maar dat het middel het bieden van zorg ingewikkeld en zelfs onveilig kan maken, is duidelijk.
Urgent probleem
Ook buiten de muren van de regionale opvang is de impact van het gebruik groot. Omwonenden, ondernemers en voorbijgangers schrikken van het losbandige en
ongecontroleerde gedrag. Op het Leidse politiebureau komen de gebruikers regelmatig over de vloer en op de spoedeisende hulp in het LUMC zien ze dezelfde gezichten, door overdosis of ernstige ontwenningsverschijnselen, meermaals per week.
De inzet van zorg en hulp als gevolg van het problematisch middelengebruik, kost de samenleving naar schatting zo’n 500.000 euro per gebruiker per jaar, zo berekende de veiligheidsregio Noord-Holland op basis van casussen in de provincie (ter vergelijking: een ’gewone’ dakloze kost tussen de 30.000 en 85.000 euro per jaar). Volgens een woordvoerder van de gemeente zijn de kosten in Leiden voor problematisch GHBgebruik vergelijkbaar. Zo bezien kost het Leiden dus jaarlijks miljoenen. Dat er sprake is van een ’urgent probleem’, is de gemeente en betrokken instanties al snel duidelijk.
Slagkracht
In de jaren nadat GHB bij Leidse zorg- en hulpinstanties op de radar is verschenen, blijft het aantal gebruikers in de regionale opvang gelijk. Terwijl de gemeente inzet op het beheersen van de problemen, en er in allerlei samenwerkingsverbanden over peinst, ziet ze zelf ook dat er meer nodig is dan de bestaande structuren, zo vertelt wethouder Julius Terpstra (CDA). ,,Maar als je die conclusie eenmaal getrokken hebt, roept dat de vraag op: wat werkt dan wel?’’ In 2024 besluit hij daarom het Trimbos-instituut in te schakelen, dat vervolgens een onderzoek startte.
Dat GHB in Leiden in 2024 nog een rol speelt, verraste Trimbos-onderzoeker Anneke van Wamel. ,,Want het hele verhaal rond GHB is een beetje verleden tijd.’’ Mensen komen nog steeds regelmatig door het middel in de problemen, maar signalen van grote gebruikersgroepen zijn er veel minder. Mede dankzij een door het Trimbosinstituut ontworpen methode is in verschillende gemeenten de paniek over GHB verdwenen.
In Leiden ontbreekt die methode dan nog. Ook ontbreekt het in de gemeente volgens de onderzoekers van Trimbos aan ’regie, eigenaarschap en slagkracht’. Daardoor komt het niet ’tot een aanpak of afspraken rond een cliënt’.
De gemeente neemt alleen maatregelen om de situatie te beheersen, niet om het daadwerkelijk op te lossen. Maar daadkracht bleef uit, zagen ook de Trimbosonderzoekers: ,,Men was huiverig om ’weer iets nieuws’ op te tuigen.’’
Ondanks de zorgen die in het Trimbos-rapport naar voren komen, blijft de wethouder positief over de communicatie tussen de instanties: ,,Ik durf best te stellen dat
de gemeente, veiligheidsorganisaties en zorgorganisaties goed samenwerken’’, zegt Terpstra. ,,Dus het is niet gek dat we eerst deze kleine groep probeerden te
ondersteunen met de bestaande structuren.’’
Zonnetje in huis
In een rechthoekig kantoortje in de regionale opvang haalt Rick* een minuscuul flesje uit zijn broekzak. Gehuld in een zwarte hoodie en stijlvol gehavende spijkerbroek, zit de 45-jarige cliënt van De Binnenvest onderuitgezakt, maar opgewekt op zijn stoel. In het flesje zat ooit een gembershot; nu ligt op de bodem een klein laagje doorzichtige vloeistof. Rick houdt het schuin voor zijn gezicht. Alsof vertraagd, beweegt de stroperige vloeistof
over het plastic. ,,Dit is nog twee milliliter.’’
Rick zit met zijn rug naar een groot raam gekeerd. Daarachter bevindt zich de kantine van de opvang, waar mensen uit de hele regio die specialistische ondersteuning nodig hebben, door De Binnenvest worden opgevangen en begeleid. Rick verblijft er nu anderhalf jaar en gebruikt zo’n vijf jaar GHB. Het is rustig in de kantine; op het sobere meubilair drinkt een aantal cliënten een kopje koffie. Hier en daar wordt rustig gekletst, maar zo vrolijk en energiek als Rick is niemand. Dat komt door de GHB, zegt hij zelf. Al na de eerste dosis, inmiddels jaren geleden, was het raak.
Hij is volgens verslavingsdeskundige Marieke Bourgonje een van de cliënten in de opvang die zijn gebruik – voor het overgrote deel – onder controle heeft. Wat betekent dat hij zijn doses goed afmeet en een ’prettig effect’ weet te bereiken, zonder bewusteloos te raken. ,,Vanochtend werd ik beroerd wakker. Dan neem ik snel een ’doppie’ en BAM, de hele wereld is weer open.’’
Lege waterflesjes
,,Je moet je voorstellen dat het voor ons niet te detecteren was’’, zegt oudBinnenvest directeur Klooster, reflecterend op de eerste periode dat GHB in de opvang
werd gebruikt. ,,Het is een vloeistof die veel op water lijkt.’’ Toen GHB in 2020 in Leiden opdook, kon het uitdelen van de drug dus onder de neus van hulpverleners gebeuren. ,,Het werd naar binnen gebracht in lege waterflesjes.’’
Toen mensen echt hardnekkig verslaafd raakten (,,en dat gaat bij GHB heel snel’’) viel het kwartje, herinnert Klooster zich. In 2021 trok De Binnenvest samen met andere Leidse instanties, zoals het Zorg- en Veiligheidshuis en verslavingszorginstelling Brijder, aan de bel.
De zorgen gaan over een klein deel van de gebruikers in de regio. Het overgrote deel, volgens het Trimbos-instituut zo’n vijftig tot 75 mensen, kan nog relatief goed voor zichzelf zorgen en zelfs een baan onderhouden. Het zijn de tien tot vijftien gebruikers in de regionale opvang waardoor de alarmbellen afgaan.
Volgens Jessica Olij, sinds de zomer van 2025 manager van de regionale opvang, is dit ongeveer twintig procent van alle cliënten in de opvang. Eén iemand is genoeg om de hele opvang te ontregelen, ziet Olij. ,,Je kunt iemand die de hele nacht gilt, niet tussen 55 andere mensen laten slapen. Die houdt gewoon iedereen wakker.’’
Andere voorziening
De Binnenvest pleitte daarom bij de gemeente voor een aparte voorziening, vertelt Klooster. In de voormalige textielfabriek waar de opvang gevestigd is, was dit volgens Klooster niet mogelijk.
Volgens wethouder Terpstra was een aparte locatie ook geen oplossing: ,,Op het moment dat je (de regionale daklozenopvang, red) gaat spreiden over de stad, heb je potentieel veel plekken van onrust.’’ Dus werden er - na discussies tussen de gemeente en De Binnenvest - toch slaapplekken bínnen de opvang vrijgemaakt. ,,We hebben uiteindelijk met de gemeente afgesproken dat er maximaal tien GHBgebruikers tegelijkertijd in de regionale opvang kunnen verblijven’’, vertelt Klooster. Voor hen werden aparte slaapplekken ingericht, zo dicht mogelijk bij de voordeur. Zo kan de beveiliging snel ingrijpen en mensen naar buiten begeleiden, mocht dat nodig zijn. De wethouder benadrukt: ,,Die situatie was natuurlijk geen definitieve oplossing.’’
De zorgorganisatie stond er alleen voor, zag Trimbos-onderzoeker Van Wamel. ,,De Binnenvest was een van de weinige maatschappelijke opvangorganisaties die
GHB niet als een hard exclusiecriterium hanteerde.’’ Van Wamel betreurt hoe er bij andere instanties met GHB-verslaafden wordt omgegaan. ,,Bij het lichtste gerucht over GHB slaan die de deuren dicht.’’ Mensen die nergens meer terechtkonden, druppelden zo de Leidse regionale opvang binnen.”
Sinds de publicatie van het Trimbos-rapport heeft De Binnenvest veel veranderingen doorgevoerd. Zo is verslavingsdeskundige Marieke Bourgonje in dienst genomen en is er een nieuwe tussenvoorziening geopend, waar mensen met een verslaving na behandeling terechtkunnen, terwijl ze wachten op een woning. Ook krijgen alle medewerkers een cursus over GHB in de opvang en worden ze getraind in de methode harm reduction. Een methode die zich richt op het verbeteren van de kwaliteit van leven van gebruikers, in plaats van hulpverlening enkel in te richten op het verhelpen van verslaving.
Toch blijft de druk op zorg, ook buiten de muren van de opvang, hoog.
Draaideurpatiënten
Een ambulance stopt bij de ingang van de spoedeisende hulp (SEH) van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Terwijl de deuren van de wagen opengaan, komt ook de politiewagen die achter de ambulance aanreed, tot stilstand. De boeien om de polsen van de patiënt op de brancard, worden door een agent losgemaakt.
Even later, in de patiëntenkamer, worden de handen en voeten wederom aan een ziekenhuisbed vastgebonden. De onttrekkingsverschijnselen die zich na enkele uren zonder GHB voordoen, kunnen zo ingrijpend zijn, dat de patiënt schreeuwend en tegenstribbelend de afdeling op wordt gerold.
,,Het zijn wat wij noemen ’draaideurpatiënten’’’, zegt SEH-arts Nicole Kraaijvanger. Naar schatting, want het LUMC registreert GHB-gebruik van patiënten niet, rolt er zo’n twee tot vijf keer per week een brancard met iemand die GHB gebruikt binnen op de
spoedeisendehulpafdeling. ,,Dat is al jaren zo.’’
Als mensen met een GHB-verslaving in het ziekenhuis verschijnen, ervaren ze óf onttrekkingsverschijnselen óf, en dat gebeurt nog vaker, zijn ze bewusteloos omdat ze te veel hebben gebruikt, legt Kraaijvanger uit.
Een overdosis ligt bij GHB-gebruik al snel op de loer. Het afmeten van een ’doppie’ GHB is milliliterwerk. Marieke Bourgonje, sinds 2025 in dienst als verslavingsdeskundige in de regionale opvang, heeft daarom altijd een aantal plastic spuitjes met milliliteraanduiding bij zich, om uit te delen aan gebruikers.
Om een ’prettig effect’ te ervaren, is een hoeveelheid GHB nodig die dicht bij overdosering ligt. Daarom raken gebruikers om de haverklap bewusteloos. In de opvang weten ze dat ingrijpen vaak geen zin heeft. Maar buiten, in de straten van Leiden, bellen geschrokken omstanders regelmatig een ambulance.
GHB in het kort
Gammahydroxyboterzuur (GHB) is een vloeibaar, kleverig middel dat van oorsprong vooral als partydrug wordt gebruikt, mede door de angstverlagende en euforische effecten. GHB werd in 2012 door de Nederlandse overheid op de lijst van harddrugs geplaatst, nadat het aantal gebruikers hard was toegenomen.
In tegenstelling tot andere harddrugs is GHB goedkoop en te maken door natronloog, oftewel gootsteenontstopper, en GBL, een industrieel schoonmaakmiddel, in een eenvoudig chemisch proces te combineren. Inmiddels is GBL niet zomaar meer in Nederland verkrijgbaar en wordt het daarom vaak uit het buitenland gehaald.
Volgens de Nationale Drugsmonitor werden in 2023 landelijk 747 personen behandeld voor GHB. Dat is twee procent van alle cliënten met drugsproblematiek in behandeling. Vier op de vijf van hen werd al eerder behandeld in de verslavingszorg, vaak voor een verslaving aan een ander middel.
Zelf afkicken wordt ten strengste afgeraden, omdat het stoppen met GHB door ernstige ontwenningsverschijnselen levensbedreigend kan zijn.
GHB-expert en onderzoeker van het NISPA, een samenwerkingsverband vanverslavingszorginstellingen, Harmen Beurmanjer legt uit: ,,GHB mist de klassiekefeedbackloop die andere middelen wel hebben.’’ Een kater krijg je van de drug namelijkniet, waardoor het aantrekkelijker is om te blijven gebruiken. Daarom is er een grote klooftussen wat omstanders als een ernstige situatie ervaren, en wat voor de gebruiker dealledaagse realiteit is. ,,Stel je voor: je ligt in bed te slapen en in een keer staan er vijfmensen om je heen, die allemaal wat van je willen. Dan zou je ook wel geagiteerd raken.’’
De gebruikers die bewusteloos het ziekenhuis in worden gereden, wandelen dan ook –enkele uren later – weer gehaast naar buiten, op zoek naar een nieuwe dosis GHB. Hetziekenhuispersoneel kan niet anders dan de patiënten laten gaan, om ze dagen later weerop een brancard naar binnen te rollen.
Sobere toekomst
De zorg van het ziekenhuis is essentieel, maar een structurele oplossing voor GHB-gebruikers heeft het LUMC niet. Ze kunnen een patiënt hooguit doorsturen naar deverslavingszorg. Wie hardnekkig verslaafd is – aan welk middel dan ook – kan daar vaakalleen met intensieve behandelingen van afkomen. Maar, als gebruikers het afkicken alzien zitten, is herstel door lange wachtlijsten makkelijker gezegd dan gedaan.
Rick is anderhalf jaar nuchter geweest, vertelt hij in het kleine kantoor. ,,Ik zag er wel heelgoed uit toen’’, grapt hij. Rick werkt als stratenmaker en woont in Warmond als hij wordtopgepakt en in de gevangenis belandt. Daar kickt hij verplicht af, onder begeleiding.
Terwijl hij vastzit, raakt hij zijn huis kwijt. Eenmaal op vrije voeten trekt hij daarom bij zijnmoeder in, met wie hij een goede band heeft. Maar het sobere leven houdt hij buiten degevangenis niet lang vol. Voor Rick is het simpel; als hij nuchter is, is hij zijn lust voor hetleven volledig kwijt: ,,Ik kan wel stoppen, maar ik voel me eigenlijk wel prima zo.’’
Het past bij het beeld dat veel GHB-gebruikers van zichzelf hebben, constateren deonderzoekers van het Trimbos-instituut, die voor het rapport acht cliënten uit deregio spraken. ,,Ondanks alle overlast die het gebruik met zich meebrengt, vertellen GHB-gebruikers over zichzelf als een groep die zich beter weet te gedragen dan bijvoorbeeld decrackgebruikers.’’
Het motiveren om in behandeling te gaan, is daarom des te moeilijker, zag Klooster. ,,Het begint met een soort vonk. Iemand moet beseffen: dit ben ik niet.’’ Maar als iemand alleskwijt is, moet die motivatie van ver komen.
Verslavingsdeskundige Bourgonje ervaart dagelijks hoe lastig het is om tot behandeling tekomen. ,,Als je al iemand hebt gevonden met een beetje vertrouwen dat het gaat lukken,word je aan alle kanten tegengewerkt met de doorstroom.’’ Ze somt op: ,,Klinieken hebbenwachtlijsten, vervolgbehandelingen hebben wachtlijsten, ambulante behandeling heeftwachtlijsten, woonprojecten hebben wachtlijsten: het zit vast aan alle kanten.’’
Verantwoordelijkheid
Zonder een stabiele woon- en leefomgeving en duidelijke kaders voor het vervolgtraject naeen behandeling, is er weinig kans op slagen en ligt terugval op de loer. Voor eenstructurele oplossing ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeente, onderschrijft Trimbos-onderzoeker Van Wamel.
In 2015 werden zorgtaken van de Rijksoverheid overgeheveld naar gemeentes. Niet alleenzouden gemeentes beter weten wat ’hun’ burgers nodig hebben, ook zou de zorg zichminder blindstaren op iemands aandoening of beperking, en zou er meer worden ingezetop ondersteuning vanuit de omgeving.
,,Het idee was natuurlijk goed’’, zegt Klooster. Maar omdat elke gemeenteverantwoordelijk is voor haar eigen inwoners, en het geld voor de zorg zo ook verdeeld is,is een gezamenlijke aanpak moeilijk vorm te geven. ,,Zo’n overlegcircuit kost veel tijd,terwijl het gaat om een behoorlijk acuut probleem. Ja, dat bijt elkaar gewoon.’’
Veldwerker
Juist omdat het Trimbos-instituut de worsteling van de gemeente herkent uit eerderecasussen in andere regio’s, heeft het instituut een methode ontwikkeld die moet helpen omde regie te pakken.
In andere gemeenten, waaronder het Limburgse Weert, de gemeente Twenterand inOverijssel en Heerde, een kleine gemeente in Gelderland, werd met behulp van deTrimbos-methode problematisch GHB-gebruik met succes aangepakt. Ieder stelden ze een’veldwerker’ aan die de cliënten met een verslaving persoonlijk begeleidde: iemand wie zeáltijd kunnen bellen, met wie ze een vertrouwensband hebben en die als een spin in het webtussen zorg- en hulpinstanties kan bewegen.
Een woordvoerder van de gemeente Heerde, waar in 2020 met een proef werd gestart, laatweten dat inmiddels van de vijfentwintig gebruikers die in beeld waren bij instanties, nog een enkeling in beeld is. Overlast is er bij deze gebruikers niet. ,,Het is verbluffend enhoopvol hoe wij de kwaliteit van leven zien veranderen van onze inwoners met eenverslavingsproblematiek […] die aan onze aanpak deelnemen.’’
Uit interviews met cliënten blijkt de veldwerker de sleutel tot succes. Deze persoon wasbereikbaar, betrouwbaar en accepteerde hen. ,,Hij geloofde in mij en ik ging daardoor ookweer in mezelf geloven’’, vertelde een van hen aan het Trimbos-instituut.
Aanpak
Volgens Klooster bracht De Binnenvest deze aanpak al vroeg onder de aandacht bij degemeente. ,,We hebben gezegd: ’dit lijkt succesvol te zijn’.’’ Ook Trimbos-onderzoekerVan Wamel herinnert zich dit: ,,Ik heb al in december 2021 voor het eerst contact gehadmet professionals uit Leiden.’’
Toch duurt het nog vijf jaar voor de gemeente met de Trimbosmethode start. In de zomervan 2024 besluit de wethouder contact te leggen met het instituut omdat hij ’concludeerdedat er meer nodig was dan het Zorg- en Veiligheidshuis en de bestaande structuren’.
,,Wij hebben dat op een gegeven moment geconstateerd en misschien heeft DeBinnenvest dat eerder geconstateerd’’, zegt de wethouder. Dat daar jaren tussen zitten,klopt volgens Terpstra feitelijk: ,,Maar het is niet zo dat er in die tijd niets gebeurd is. Erzijn subsidies geweest en er is geïnvesteerd in verslavingszorg.’’ Bovendien, benadrukt dewethouder, ‘blijft dakloosheid een veelkoppig monster en een bestuurlijke puzzel’.
Geluidsdichte ruimte
Het Trimbos-instituut presenteert de resultaten van haar onderzoek – en de aanbevelingom met de methode te starten – in de lente van 2025. Bijna een jaar later schrijft dewethouder in een brief aan de gemeenteraad dat er 725.000 euro voor twee jaar wordtvrijgemaakt om met de aanpak te beginnen. Dit bedrag valt 125.000 euro hoger uit dande 300.000 euro per jaar die de methode maximaal in andere gemeenten kostte. Dat komtvolgens de woordvoerder van de burgemeester omdat ook verbouwingskosten van deregionale opvang zijn opgenomen en omdat Holland Rijnland aanzienlijk meer inwonersheeft dan deze andere gebieden. Gebruikers komen ook van buiten Leiden, dus draagt dehele regio een steentje bij.
,,Ik snap dat je denkt: waarom beginnen ze niet morgen met de aanpak?’’, zegtTerpstra. ,,Maar om zo veel geld vrij te maken, moet je eerst met alle gemeenten naar debegroting kijken.’’ Een begroting die overigens altijd in de herfst wordt gemaakt, zo legt dewethouder uit.
Toch verloopt het proces niet in elke gemeente zo, vertelt Van Wamel:,,In Heerde moest onze toenmalig onderzoeker zelfs op de rem trappen, omdat ze al eencasusconsult wilden opzetten vóór het onderzoek afgerond was.’’
Met het vrijgemaakte bedrag wordt de komende tijd een nieuw casusoverleg ingericht enwordt in Leiden een veldwerker aangesteld, die zich gaat richten op gebruikers met dusdanig complexe problemen dat meer zorg nodig is dan nu geboden kan worden.Daarnaast worden in de opvang een aantal geluidsdichte ruimtes gebouwd, waargebruikers van GHB die voor overlast zorgen veilig kunnen verblijven.
Rick heeft, net als de andere cliënten die GHB gebruiken, sinds een half jaar een eigen plekin de regionale opvang: een rijtje rechthoekige kamers dat achter de ingang isopgetuigd. Zijn deur heeft Rick volgeplakt met stickers. Hoewel hij eenverslavingsbehandeling en ook de nieuwe tussenvoorziening nog altijd niet ziet zitten,wil Rick wel graag weer een eigen woning. ,,Ik ben mijn huis kwijtgeraakt omdat ik foutenheb gemaakt, maar niet omdat ik de rekeningen niet heb betaald.’’
Of de nieuwe maatregelen de in 2025 overleden vrouw hadden geholpen, betwijfeltKlooster: ,,Ik heb geen idee wat haar nog had kunnen redden. Als we dat hadden kunnenbedenken vanuit De Binnenvest, hadden we het gedaan. Soms gaan mensen gewoon doodaan verslaving.’’
*Rick is niet de echte naam van de cliënt van De Binnenvest, zijn echte naam is bij deredactie bekend.
Verantwoording
Dit artikel is het resultaat van een onderzoek dat de afgelopen maanden door deze krant isuitgevoerd. Er is voor dit verhaal gesproken met verslavingsexperts van zowel hetNijmegen Institute for Scientist Practitioners in Addiction (NISPA) als het Trimbos-instituut, een arts van de spoedeisende hulp van het LUMC, huidige en voormaligemedewerkers van Stichting De Binnenvest, de Leidse wethouder Julius Terpstra en westelden vragen aan ambtenaren van de gemeenten Leiden en Heerde.
Daarnaast is er meermaals een bezoek gebracht aan de regionale opvang van DeBinnenvest, waar met medewerkers en een cliënt is gesproken. Ook is er contact geweestmet verslavingszorginstelling Brijder, de politie en het Zorg en Veiligheidshuis.